vrijdag 15 mei 2009

Woensdag 13 mei 2009

Vandaag werd in Den Haag de Wereldstemwijzer gelanceerd met een verkiezingsdebat over internationale samenwerking en Europese ontwikkelingshulp. De aanwezigen waren prettig verrast dat de Partij voor de Dieren in haar verkiezingsprogramma zoveel aandacht besteed aan solidariteit, rechtvaardigheid en duurzaamheid. Ik heb betoogd dat we de voedselcrisis, de klimaatcrisis, de biodiversiteitscrisis en de watercrisis alleen kunnen oplossen als Europa drastische stappen neemt in haar landbouwbeleid. Want juist het Europese landbouwbeleid is een belangrijke veroorzaker van deze crises in de wereld. De kap van het tropisch regenwoud voor de productie van veevoer voor dieren in de westerse bio-industrie zorgt voor honger, armoede en schuldslavernij in grote gebieden in Latijns Amerika. De dumping van Europese overschotten van zuivel en vlees op Afrikaanse markten, met Europese subsidie zorgt voor een verstoring van lokale markten en voor het faillissement van duizenden kleine boeren in Afrika. En doordat wij overal in de wereld natuurlijke hulpbronnen plunderen voor onze overmatige consumptie van luxe goederen en zogenaamde groene energie, blijft er niets over voor de allerarmsten. Zij zijn de slachtoffers van onze consumptiemaatschappij en worden als eerste geconfronteerd met de verstrekkende gevolgen, zoals overstromingen en droogte door klimaatverandering. Terwijl zij helemaal geen aandeel in hebben gehad in het ontstaan ervan. Daarom zet de Partij voor de Dieren zich ook in voor een betere wereld voor de allerarmsten. Mijn stelling is: wie goed is voor dieren, is goed voor mensen. Want als je opkomt voor kwetsbare waarden, betekent dat dat je het eigenbelang aan de kant wilt zetten voor het grote belang: namelijk een eerlijker verdeling van rijkdom, voedsel en natuurlijke hulpbronnen. En voor respect voor mensen, dieren en natuur. En juist dat is een van de belangrijkste uitgangspunten in de strijd voor een duurzame en diervriendelijke toekomst.



Een belangrijke stelling in het debat was of de hulp aan ontwikkelingslanden op Europees niveau geregeld moet worden. Wij zijn tegen omdat we zien dat op terreinen waar nationale bevoegdheden naar het Europees niveau zijn overgeheveld, zoals het landbouwbeleid, de laagste gemene deler de regel wordt. Europa blijkt vooral een schuilplek te zijn voor landen die zelf niet hard willen lopen als het gaat om duurzaamheid, hulp aan de armsten of een solidaire wereld. Als we kijken welke desastreuze gevolgen het Europese landbouwbeleid heeft gehad, dan moeten we dat echt niet willen voor ontwikkelingssamenwerking. Ook niet als het gaat om migratie. Terwijl Groenlinks en andere partijen de komst van hoogopgeleide kennismigranten uit arme delen van de wereld willen stimuleren met een zogenaamde Bluecard, naar analogie van de Greencard in de Verenigde Staten, wil de Partij voor de Dieren dat hoogopgeleide mensen in ontwikkelingslanden juist kansen krijgen in hun eigen land om verder te ontwikkelen. Het stimuleren van immigratie leidt tot een verdere opeenhoping van macht en kennis in het rijke westen en zal echt niet bijdragen aan een rechtvaardiger wereld. Het getuigt zelfs van een neokolonialistische houding als je naast alle grondstoffen ook nog eens schaarse kennis en talent naar Europa importeert. Datzelfde geldt voor het importeren van producten die niet volgens de Europese regels zijn geproduceerd. D'66 vond het bijvoorbeeld niet erg als we producten van ver halen waarbij werknemers niet onder de scherpe EU veiligheidsnormen werken, bijvoorbeeld op het gebied van bescherming tegen geluid. Ik vind het onbegrijpelijk dat we hier regels hebben die voorkomen dat werknemers doof worden, maar ondertussen het wel mogelijk maken dat producten uit India mogen worden geimporteerd die zijn geproduceerd onder omstandigheden waarbij werknemers daar gehoorbeschadiging op kunnen lopen. Wij willen dat in Europa de eisen veel strenger mogen worden, niet alleen op het gebied van arbeidsomstandigheden, maar ook op het gebied van duurzaamheid, dierenwelzijn en milieu. En die eisen moeten dan gelden voor alle producten op de Europese markt. Zodat consumenten niet meer hoeven te kiezen tussen goed en slecht, maar er van uit kunnen gaan dat wat er in de schappen ligt, goed is om te kopen. Scheelt ook weer keuzestress ;-)



Morgen druk met interviews en 's avonds het debat van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten in Den Haag. Ook daar zal ons unieke stemgeluid wel weer voor verrassingen zorgen!

http://ping.fm/VJRgI

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen